- 13 sep
Recht zitten is niet hetzelfde als recht voelen
- Michelle Eugène | Horse Academy Expert
“Zit eens wat rechter.”
Je corrigeert jezelf. Schouders recht. Gewicht netjes verdeeld. Bekken in het midden.
Zo.
Recht. Toch?
Maar hoe weet je dat eigenlijk?
Tijdens het rijden vertrouwen we voortdurend op wat we voelen. Je voelt dat je meer gewicht op één zitbeenknobbel hebt. Dat één been gemakkelijker naar beneden valt. Dat één schouder hoger zit. Dat je paard aan één kant anders onder je beweegt.
Tenminste, je denkt dat je dat voelt.
En voor we collectief besluiten dat we ons eigen lichaam dus blijkbaar niet kunnen vertrouwen: zo erg is het gelukkig ook weer niet.
Je gevoel bevat ontzettend veel waardevolle informatie. Alleen is het geen meetlint.
Je eigen ‘midden’ heeft misschien een eigen postcode
Je hoeft niet naar je linkerbeen te kijken om te weten waar het hangt.
Gelukkig maar. Paardrijden zou anders behoorlijk ingewikkeld worden.
Je zenuwstelsel krijgt voortdurend informatie over waar je lichaamsdelen zich bevinden, hoe ze bewegen en hoe jij je verhoudt tot de ruimte om je heen. Je ogen, je evenwichtssysteem en informatie uit onder andere spieren en gewrichten helpen daarbij.
Uit al die signalen bouwt je brein razendsnel een beeld op van: dit is waar ik ben.
En dat systeem werkt bij gezonde mensen behoorlijk goed.
Maar er hangt nergens een ingebouwde waterpas.
Wat voor jou “recht” voelt, is dus een waarneming van je lichaam. Geen objectieve meting van de hoek van je bekken, je schouders of je wervelkolom.
En dát wordt interessant zodra je op een paard gaat zitten.
Want misschien heb jij wel een kant waarop je gemakkelijker doorzit.
Een been dat vanzelf wat verder naar beneden lijkt te vallen. Die ene schouder waarvan je lesgever inmiddels 847 keer heeft gezegd om hem meer naar achter te houden. Of die vervelende stijgbeugel die op mysterieuze wijze altijd langer lijkt dan de andere, terwijl je ze voor het opstappen nog hebt gecontroleerd.
Dat zijn geen diagnoses. Het zijn aanwijzingen.
Amazone op een paardrijsimulator tijdens een workshop over houding en zit.
Perfect symmetrisch? Dat zijn ook goede ruiters niet.
Ook de hele goede niet. (Sorry, not sorry!)
Onderzoek laat zien dat ruiters links en rechts niet altijd hetzelfde bewegen. Er worden bijvoorbeeld verschillen gevonden in houding, mobiliteit en de manier waarop we ons evenwicht bewaren.
En die verschillen worden óók bij ervaren wedstrijdruiters gevonden.
Veel rijden maakt je dus niet automatisch perfect symmetrisch.
Maar daaruit volgt niet dat iedere asymmetrie een fout is die onmiddellijk gecorrigeerd moet worden.
Misschien is dit wel de interessantere vraag: weet jij welke patronen jouw lichaam heeft?
Want hetzelfde lichaam waarmee je beweegt, is ook het lichaam waarmee je probeert te voelen wat je doet.
En daar wordt het leuk.
Eén ruiter. Drie verschillende verhalen.
In 2021 onderzocht osteopaat Geert Laenen 38 (semi-)professionele ruiters op een paardrijsimulator.
Niet zomaar eentje trouwens: hij gebruikte de Therapeutic Equine Simulator System — dezelfde simulator die we ook gebruiken tijdens onze workshops rond houding en zit.
Hij wilde weten wat er veranderde nadat de ruiters een reeks manuele technieken kregen, onder andere rond de psoas — een diepgelegen spier die betrokken is bij beweging en stabiliteit rond heup, bekken en onderrug.
Voor en na die behandeling keek hij naar verschillende dingen. Hij mat hoeveel bewegingsruimte de ruiters in hun heup hadden, liet de simulator registreren hoe hun gewicht tijdens het rijden verdeeld werd én vroeg de ruiters wat ze zelf voelden.
En precies daar wordt het interessant.
Lichamelijk veranderde er iets: na de behandeling was er meetbaar meer bewegingsruimte in de heup.
De simulator voegde nog een ander stukje toe: over het geheel genomen verbeterde de gemeten zitbalans niet significant.
Maar de ruiters voelden wél verschil: direct na de behandeling rapporteerde ruim twee derde een positieve verandering. Ze beschreven onder andere dat ze zich mobieler, minder verkrampt of stabieler voelden rond bekken en onderrug.
Huh.
Er veranderde dus iets wat we konden meten. De ruiters merkten zelf ook verandering op. Maar dat betekende niet automatisch dat de simulator vervolgens een betere zitbalans registreerde.
Dat bewijst niet dat de ruiters hun lichaam “verkeerd” voelden — dat heeft Geert ook helemaal niet onderzocht.
Het laat vooral zien waarom één vraag soms meerdere meetlatten nodig heeft.
Wat je voelt, wat iemand anders ziet en wat we kunnen meten, hoeft niet altijd exact hetzelfde verhaal te vertellen.
Je gevoel liegt niet. Maar het vertelt ook niet alles.
Stel dat jij tijdens het rijden denkt: “Nu zit ik recht.”
Dat is informatie.
Een trainer kijkt van achteren en ziet dat je bovenlichaam iets naar rechts helt.
Ook informatie.
Op video zie je dat je rechterheup iets anders beweegt dan je linker.
Wéér informatie.
En misschien laat een simulator vervolgens zien dat je gewicht niet helemaal gelijk verdeeld is.
Nog méér informatie.
Geen van die dingen hoeft op zichzelf onmiddellijk het definitieve antwoord te zijn.
Interessant wordt het wanneer je ze naast elkaar legt:
Wat dacht ik dat ik deed?
Wat voelde ik?
Wat zag iemand anders?
Wat konden we meten?
En komen die dingen overeen?
“Pardon? Ik hang nu toch scheef?!”
Iemand verplaatst je bekken een klein stukje.
“Probeer dit eens.”
En jij: “Pardon? Ik hang nu toch compleet scheef?!”
Misschien bleek je inderdaad rechter te zitten. Misschien was die correctie helemaal niet ideaal voor jou. Het interessante zit vóór die conclusie.
Je hebt zojuist ontdekt dat wat nieuw is voor je lichaam anders kan voelen dan wat vertrouwd is.
En in plaats van onmiddellijk te denken dit is fout of dit is juist, kun je daar iets veel nuttigers mee doen: waarnemen. Feedback krijgen. Iets veranderen. Opnieuw voelen. En vergelijken.
Niet om je lichaamsgevoel af te leren. Juist om het steeds beter te leren kennen.
Vijf minuten. Niks oplossen.
Probeer dit eens tijdens je volgende rit: niet corrigeren.
Écht niet. (We weten hoe verleidelijk het is.)
Neem vijf minuten waarin je alleen observeert:
Waar denk je dat je gewicht zit?
Voelen beide zitbeenknobbels hetzelfde?
Is er een been dat gemakkelijker lang wordt?
Wat gebeurt er met je schouders in een bocht?
-
Waar span je op zonder dat je bewust besloten hebt om op te spannen?
En vooral: verander nog niks.
Misschien ontdek je iets. Misschien ook helemaal niets.
Ook prima.
Want zodra je onmiddellijk probeert te corrigeren wat je denkt te voelen, weet je eigenlijk niet meer wat er oorspronkelijk gebeurde.
Eerst observeren. Daarna pas beslissen of er überhaupt iets veranderd moet worden.
En dan moet het paard nog beginnen bewegen…
Misschien is “recht zitten” dus niet eens de interessantste vraag.
Tot nu toe hebben we vooral gekeken naar waar je denkt dat je lichaam zich bevindt.
Maar zodra je paard begint te bewegen, moet dat lichaam nog iets veel moeilijker doen: in balans blijven zonder de beweging tegen te houden.
Het doel kan daarom moeilijk zijn om jezelf één keer in de perfecte houding te zetten en vervolgens zo stil mogelijk te hopen dat je daar blijft.
Sterker nog: misschien is “stilzitten” wel een van de meest actieve dingen die je op een paard kunt proberen te doen. (Maar dat is voer voor de volgende blog!)
Voor nu mag je deze meenemen: de volgende keer dat je denkt: “nu zit ik recht”, hoef je jezelf niet onmiddellijk te wantrouwen.
Maar je kunt jezelf wel één extra vraag stellen: Hoe weet ik dat eigenlijk?
Je gevoel is geen meetinstrument. Maar het is ook niet waardeloos.
Het is informatie.
Waarom dit bij Horse Academy past
Paardbewust paarden houden gaat voor ons niet alleen over wat je paard doet. Ook jij maakt deel uit van het geheel.
Je neemt je eigen lichaam, gewoontes en bewegingspatronen mee in het zadel. Niet omdat ieder probleem daardoor ineens “aan de ruiter ligt”, maar omdat begrijpen wat jij doet extra informatie geeft over wat er tussen jou en je paard gebeurt.
Daarom beginnen we liever met observeren dan met onmiddellijk corrigeren. Niet op zoek naar de perfecte zit, maar naar een beter begrip van jouw gevoel, jouw beweging en uiteindelijk jullie wisselwerking.
Over Nadia
Nadia Molenaers is Equitation Science-instructeur en begeleidt bij Horse Academy onze workshops rond houding en zit op de paardrijsimulator bij het Reitenhof.
Tijdens die workshops draait het niet om jezelf in één “juiste” houding te duwen. Nadia helpt ruiters juist onderzoeken wat hun lichaam doet, wat ze zelf voelen en wat er verandert wanneer ze iets aanpassen.
Met de simulator komt daar nog een extra stukje informatie bij: je kunt niet alleen voelen en kijken, maar ook bepaalde aspecten van je zit en beweging zichtbaar maken.
Wil je je eigen zit eens met andere ogen bekijken?
Wat je voelt en wat je lichaam doet, hoeft niet altijd exact hetzelfde te zijn. En dat betekent niet dat je lichaamsgevoel waardeloos is — integendeel.
In Nadia's gratis gids ontdek je waarom je zit verbeteren soms zo lastig is, welke rol gewoontes en compensaties kunnen spelen en waarom observeren vaak interessanter is dan onmiddellijk proberen te corrigeren.
Bronnen & verder lezen
Voor wie graag nog wat dieper graaft: deze bronnen gebruikten we bij het schrijven van dit artikel.
-
Molina et al. (2018). Systematische review en meta-analyse naar de subjective postural vertical: hoe mensen hun eigen verticale lichaamsoriëntatie waarnemen. PMID: 30265701.
Barra et al. Onderzoek naar de rol van somatosensorische/proprioceptieve en vestibulaire informatie bij het waarnemen van de eigen lichaamsoriëntatie.
Hobbs et al. (2014). Posture, Flexibility and Grip Strength in Horse Riders. Journal of Human Kinetics.
Laenen, G. (2020–2021). Pilot study: Het effect van manuele technieken op de musculus psoas voor de zitbalans bij de ruiter, getest op de Therapeutic Equine Simulator System. Masterproef, The International Academy of Osteopathy.